Annerie's Proza voor ProZUS

Hieronder treft u een serie verhalen aan van Annerie's leven, samen met haar 3 adoptiehonden uit Spanje, te weten Caballero, Diesel en Sigrid. Annerie is in staat om met een bijzondere herkenbare en lachwekkende invalshoek de ontelbare streken en grote avonturen van haar hondenkinders op papier te zetten.  

!

De ziekenboeg in huize Fuchsia is voor 66% gevuld, en niet voor half leed.

!


Diesel is vandaag geopereerd om de gebroken pin met bijbehorende losse stukjes uit ellepijp en pols te verwijderen. Alle voorbereiding ten spijt blijk ik niet opgewassen tegen zijn uiting van pijn: een heel zacht en heel hoog piepend geluid krijst door mijn zintuigelijke waarneming, snijdt door mijn hart. Maar gelijktijdig ben ik zo trots op hem: Diesel heeft zijn oude manier van pijn ervaren losgelaten en ondergaat het nu bewust. Hij vlucht niet meer naar vergalgostan waar hij compleet geïsoleerd in vicieuze cirkel slechts onmacht ontmoet, maar ondergaat dapper in het hier en nu zijn ellende en pijn. Diesel, ik ben zo trots op je. Zo trots op jouw vertrouwen om niet te vluchten maar om bij je eigen roedel te blijven. Een mijlpaal voor jou en voor mij.
Ik slaap beneden op de grond, ik wil niet dat Diesel de trap oploopt.
Zo gezegd, zo gedaan. Dekbedje hier, dekbedje daar.
In het ochtendgloren vraag ik ieder of ze lekker hebben geslapen, business as usual, plofzoen op Sigrid’s warme buik want die plakt natuurlijk zonder superglue naast me.
Zoals altijd heft ze onmiddellijk haar koppie naar me, oogjes gesloten. Maar die oogjes dicht duren te lang en er begint een alarm luid te rinkelen; ze wil wel maar ze kan niet. Op bibberende pootjes met dichte oogjes laat ze me weten dat er iets vreselijk mis is.
Ieder op eigen tempo doet daarna een heel kort rondje Prinsenbos: Diesel met verband om de poot hinkelend op drie poten, Sigrid blindelings en bevend het hoognodige latend, Caballero misnoegd maar aanvoelend dat zijn prioriteiten nu niet de hoogste zijn alles afraffelend, ik mezelf bezwerend beginnen bij het begin, meid!
Ok, naar huis. Ontbijt. Dierenarts bellen. Nog geen uur later blijkt Sigrid een vreselijke ontsteking aan haar oog te hebben en een groot gat in haar hoornvlies en geen flauwekul, bij welke verergering dan ook moeten we direct binnenkomen.
In stille wanhoop laat ik dit bericht bezinken, het is wel erg veel in korte tijd.
Gedurende de dag word ik boos.
Ik word boos, zo ontzettend boos, op het onredelijke af omdat mijn windekinderen zoveel voor hun kiezen krijgen zonder een kik te geven. Om alle Galgo’s die lijden zonder een kik te geven. Om alle Galgo’s die lijden zonder hun bazen te verzaken. Om het door god vergeten talent van de Galgo onrecht, pijn en honger te incasseren zonder hun groot en edelmoedig hart te verliezen.
Ik word woest dat deze zachte en trouwe wezens pijn en vernedering verdragen en aanvaarden als hun lot; dat juist daarom de wreedheden onaflatend op hun lijven, koppies en zielen blijven regenen.
Wat mankeert de gemiddelde Spanjaard? Heeft hij zo’n kleine pik dat er niet eens op kan worden getrapt? Dat hij niets anders kan verzinnen dan zijn frustraties van zijn tekortkomingen botvieren op één van de zachtste creaturen die er bestaan op deze aardkloot? Zou diezelfde gemiddelde Spanjaard een Rothweiler of een Duitse herder op een zelfde manier durven te mishandelen?
Ik denk het niet, want dan houdt hij helemaal geen ledematen meer over.
Pijn hoort bij het leven, en ooit zei mijn zus me “Hoe meer je houdt van, des te meer pijn zul je voelen.” De fysieke pijn van Diesel en Sigrid, de mentale pijn van Caba bloeden mijn hart bijna leeg. Dat is houden van, maar geen optie tot verbetering.
Verbetering vraagt zoveel meer dan houden van. Stenen moeten worden verlegd.
Er moet een Spaanse dierenbescherming komen en ieder bijgedragen steentje telt.
Ik stop met boos zijn, ik coach mijn 66% bezetting uit de vermaledijde ziekenboeg en ik zoek in mijn hart hoe en waar ik mijn stenen zal oppakken en verleggen.
Ja zuster, nee zuster.

Geschreven door: Annerie Teeuwen, mei 2010


Behoefte om op dit proza-stukje te reageren? Dat kan, klik hier om uw proza achter te laten.   

Klatergoud

!

Dit struikje ruikt naar meer en vraagt om diepgaand onderzoek. Snuffelen, draaien, ‘’hé, niet voordringen jij, ik was hier het eerst’’, meer snuffelen en draaien, en eindelijk een poot de hoogte in. Maar plassen alleen is niet genoeg, de boel moet wel in de gaten worden gehouden. Wat loopt daar, een kat? Kop op balancerend lijf draait, het klatergoud ook, en ja hoor, Diesel ten natte voeten uit.
Sigrid stelt minder hoge eisen aan de eerste klaterplek bij uitgaan. Van het ene op het andere moment zakt ze ter aarde als het water haar aan de lippen staat, met smartelijke blik om zich spiedend klatert ze in één keer weg waar de mannen wel twintig keer over doen. Afhankelijk van ondergrond en helling levert dat ook wel eens een nat achterpootje op, die smartelijke blik is natuurlijk niet voor niets.
Caballero doet uiteraard niet aan nattigheid. Caba is heer en hij is verheven boven natte poten, hij ondergaat problematiek van geheel ander niveau bij de productie van klatergoud. Probleem één is altijd linksom of rechtsom? Zorgvuldigheid is geboden en deze keuze wordt minstens vijf keer op locatie en positie overwogen met geheven achterpoot tot er na draaikonterij eindelijk kan worden geklaterd. Maar probleem twee dient zich onmiddellijk aan; hoe val ik niet om terwijl ik mezelf de hoogste lat opleg? En reken maar dat die lat hoog wordt gelegd, tot het punt van omkukelen, en dan haastig proberen op de been te blijven, want je kunt natuurlijk niet publiekelijk op je bek gaan als je bezig bent je reputatie hoog te houden.
En da’s dan weer mazzel voor Diesel. De maatvoering is al uitgezet, in dit kielzog hoeft hij alleen maar de boodschap achter te laten “en ik was hier ook”.
Maar nu wat anders... Caballero, mijn eerste Spaanse liefde, is zindelijk boven alle normen.
Ik vond dat zo normaal dat ik de ochtend nadat Diesel bij mij arriveerde stomverbaasd was dat hij in huis had geplast. Geen paniek, hier lag een uitdaging. Het duurde maar een paar weken, toen was het gedaan.
Sigrid had een langere adem met in huis plassen. Tot een tijdje geleden.
Alvorens de avondwandel aan te vangen, ga ik eerst naar het toilet. Vandaar zie ik mijn windekind alarmerende rondjes draaien door de woonkamer. Ik neem een spurt, spijkerbroek op mijn knieën en betrap Sigrid die net begint te klateren in de woonkamer!
Waar mijn reactie vandaan kwam weet ik nog steeds niet, maar ik pak Sigrid bij haar lurven, ik bijt in haar nek en ik vraag haar of ze belazerd is, haar onderwijl sleurend aan haar band naar de keukendeur en haar buitensmijtend krijgt ze een preek dat er buiten geklaterd wordt en niet binnen, en zeker niet onder mijn ogen. De daarop volgende drie kwartier van lopen en eten, negeer ik haar volkomen tot ze met haar koppie deemoedig naar beneden naast mijn bed staat: “mag ik nou nog wel bij je slapen?” Ja lief windekind, het dekbed terugslaand, dit is jouw plekje.
Het is me gelukt.
Rozengeur, maneschijn. En klatergoud op de plek waar het hoort, onder de regenboog buiten.
Yours truly, inmiddels gecertificeerd tapijtreiniger, trotse roedelleider, kan met gepaste trots melden dat huize Fuchsia droge en schone vloeren heeft.
Maar het is de liefde die hier blinkt, niet het goud.

Geschreven door: Annerie Teeuwen, april 2010


Behoefte om op dit proza-stukje te reageren? Dat kan, klik hier om uw proza achter te laten.   

Maart op de kaart

!

Oh lalalah, lalaladidah!
Was het fameuze Maartse zonnetje eerder zo welkom?
Is het ploegen door grauwe kouwe dagen eindelijk over?
De eerste dag van maart, thank dog geen regen in de ochtend, ik ben wat later maar maak dan ook de eerste bewuste ochtendschemering mee. Even later stier ik opgetogen door mijn bouwketen.
Om half tien kraai ik als een heuse haan “De zon schijnt!”, goed zo, iedereen in die suffe keet wakker.
Mijn hele wezen wakkert op met dit echte daglicht en ik denk aan mijn roedel: zouden die Galgo’s nu wel even lekker naar buiten stappen (want dat kan gewoon door een superluik waar een zekere Galgo van buitensporig formaat zonder zich te bukken recht doorheen kan lopen) en zich koesteren aan deze luxe?
’s Middags op de terugreis in de auto, raam volledig open, ik wel!
Ik voel het Maartse zonnetje weldadig prikken op mijn linkerwang, voor een stoplicht keer ik vrijwillig mijn rechterwang toe.
De roedel is extra opgetogen bij thuiskomst, ook hier werkt dat Maartse zonnetje dus.
Mannen, hoppa, snel in het Galgomobiel en de zon in!
Geen jas meer voor Sigrid, kappen met die onzin en vitamine D aanmaken!
In het zonlicht bespeur ik zo drie blauwe plekken op haar lijf; hoe krijgt dat wicht het toch altijd voor elkaar om onder de blauwe plekken te zitten? Alhoewel, purperen plekken is een betere omschrijving.... Die Galga kan zo groupie worden van “De Raggende Manne” en die betreffende mannen vallen in het niet bij dit raggend wicht!
Enfin, de roedel ragt er lekker op los onder invloed van het Maartse zonnetje.
Met dien verstande dat Diesel slechts ragdollblues mag raggen aan zijn riem onder het mom van revalidatie. Geeft niet lieverd, wie zijn poot breekt moet even aan het lijntje worden gehouden; jouw tijd komt weer in Aprilletje zoet.
Caba en Siggy storen zich uiteraard niet aan Diesel’s blues en raggen naar hartenlust.
Veelvuldig wordt het Hoogheemraadschap Delfland bijgestaan in haar eeuwige strijd tegen het waterpeil: die Spanjolen slobberen tot Leiden niet anders dan in last kan zijn.

Maart op de kaart, menu:
voorafje einde winter, hoofdgerecht voorjaar, toetje zomer met aardbeien in vooruitzicht.

ik droomde van roze tulpen

zoet als amandelmarsepein

van zachte wollen wanten

op de kapstok in de gang

van duizend rode lippen

vet gedrukt op het behang

Willem Overkleeft, 2008

Geschreven door: Annerie Teeuwen, maart 2010


Behoefte om op dit proza-stukje te reageren? Dat kan, klik hier om uw proza achter te laten.  

Door merg en been (deel 1)

!

Hoe beschrijf je het geluid van brekende botten?
Ik hoorde het. Ik zag het. Ik wist het.
Diesel staat naast me, Sigrid maakt zich op voor een reguliere attaque op Diesel. Diesel wacht berekenend af, staat stokstil, maakt een beweging zijwaarts en ik hoor het; dat afgrijselijke kleine droge knappende geluidje. En ik zie het; dat scheve uitstekende stukje dat daar helemaal niet hoort. En ik wist zo direct en zo zeker hoe laat het was.
Diesel heeft in een eerder leven zijn pijngrens ver overschreden en kan en wil niet meer met pijn omgaan; bij pijn wordt hij gezogen naar een vreselijke herinnering en stagneert daar in totale isolatie, balkend en loeiend als de sirenes op de eerste maandag van de maand. Ik heb deze vlucht naar de afgrond van desparatie driemaal eerder meegemaakt en ik weet wat ik moet doen, hij mag niet terug naar die plek waar hij alleen en radeloos is.
Ik pak hem onder de borst en tussen zijn voorpoten beet zodat hij zijn poot niet meer kan neerzetten, en ik praat hem terug naar de les; niks vertrekken, blijf bij me.
Diesel’s vertrouwen is groter dan zijn instinct te vluchten naar die door mij onbereikbare plek, en verbijt zijn pijn letterlijk in mijn hand. Bijt maar, bijt maar, blijf bij me, blijf bij me, bid ik.
Daar staan we midden op dat vermaledijde veld, ik kan hem niet terugdragen naar de auto, te ver, te zwaar. Maar ik weet wat er is gebeurd, en ik weet ook dat als Spanje kan worden overleefd, dan zeker ook een breuk.
Een man en hond naderen, God waarom zo langzaam? De man heeft zijn telefoon al in de hand, hij gebaart naar zijn keel, hij kan nauwelijks praten. De man belt naar huis en zegt de dierenambulance te laten afkomen. Zijn thuisfront belt de dierenambulance en de dierenuitlaatservice. Linda van van dierenuitlaatservice spoedt zich onmiddellijk naar de speelwei en brengt handdoeken en warmtefolie om Diesel toe te dekken. Diesel ligt over mijn schoot, de man is mijn rots in de branding en ik leun tegen zijn benen en probeer alle honden inmiddels aanwezig op een afstand van Diesel te houden. De dierenambulance arriveert over het fietspad langs de speelwei tot gelijke hoogte, een man en vrouw klimmen met brancard over het prikkeldraad. Samen met de ambulancier leg ik Diesel op de brancard. Diesel wordt op brancard over het prikkeldraad terug afgevoerd, Linda gaat Caballero en Sigrid thuis brengen, Nout brengt Linda op de hoogte over Caba en Siggy, Francien en Hennie en nog meer mensen willen helpen, ik voel de afstand tussen mij en Diesel en er knapt iets in mijn hoofd, ik voel nog een hand aan mijn arm maar ik ruk me los en ren, ren naar het volgende hek, waar ik de  ambulance kan inspringen die ondertussen al rijdt.
De dierenarts in Honselersdijk is al geïnformeerd, foto’s worden genomen, een orthopedisch chirurg heeft een open agenda, ik moet Diesel onder verdoving achter laten en draaf zelf verdoofd terug naar de weg, een vrouw brengt me thuis.
Even later jank ik mijn frustratie en angst uit bij Natasja en Conny, Conny zorgt dat mijn auto weer wordt opgehaald.
En dan wachten. Caba en Siggy ontvangen mijn angstige gedachten naadloos en wachten in timide spanning mee. Na vijven komt het telefoontje: operatie geslaagd, over een uur mag je hem ophalen.
Ik bel mijn zoon Armin om mijn rots in de branding te zijn, om te horen wat de arts allemaal zegt, om me te helpen om Diesel veilig in en uit de auto te krijgen, om me terug te fluiten als ik doordraaf in emoties.
Bij de arts aangekomen horen we achter gesloten deuren Diesel desolaat en monotoon balken; ik versta boven dit door merg en been gaande geluid zijn wanhopige schreeuw van angst om verlaten te zijn, luider dan zijn pijn. Eindelijk mogen we naar hem toe, ik zie de opluchting in zijn ogen, daaronder de stress en de pijn, zijn in een dag uitgeteerde lijf.
Diesel heeft meer dan 18 uren na thuiskomst nodig gehad om zijn stress op aanvaardbaar niveau te krijgen, om zijn ademhaling niet tegen hyperventilatie te laten leunen, om zijn Dieselse smoeltje terug te krijgen, om weer vertrouwen te laten stralen uit zijn ogen, om zijn houding en beweging te coördineren met de minste pijn. Om uiteindelijk nu twee dagen later geen kik meer te geven en zich als voorbeeldig patiënt te gedragen.
Van pols tot elleboog is een pin in zijn ellepijp gestoken, is een plaat aan zijn spaakbeen geschroefd:
letterlijk door merg en been.

Ik brand een kaarsje, voor alle Spaanse honden, voor veel genade nu einde jachtseizoen in Spanje.

Geschreven door: Annerie Teeuwen, februari 2010


Behoefte om op dit proza-stukje te reageren? Dat kan, klik hier om uw proza achter te laten. 

Lappenmand (deel 2)

!

Ik leg mijn handen over elk een poot om de de verschillen in beide duidelijk te kunnen omschrijven; warmte, kloppen, zwelling. In mijn linkerhand voel ik spieren, botten, zachte vacht, zwoele vacht. In mijn rechterhand voel ik hard gespannen weefsel, warme, zacht maar duidelijk kloppende huid.
Geen direct alarm, maar toch.
Dieseltje, wat is er gaande? Niets als ik het kan helpen gaat er tussen mij en jou huppelend terug in de weg staan en ik bel opnieuw de kliniek: de zwelling en de warmte en het kloppen staan me niet aan; en ik mag direct langskomen met Diesel.
Bingo, de dierenarts maakt complimenten dat ik er zo rap bij ben, verlenging antibiotica.
Ik op mijn beurt maak complimenten aan Diesel als voorbeeldige patiënt.
Vanaf het moment dat Diesel zijn stress onder de knie had, heeft hij geen kik meer gegeven. Braaf slikt hij zijn medicatie en hij houdt zich rustig en dat is precies wat nodig is.
Twee dagen na de operatie lekt er veel wondvocht, ik mail alvast naar de dierenkliniek of er niet een nieuw drukverband moet komen, omdat ik geen infectie wil riskeren. Daags daarna belt de orthopeed zelf en zegt me dat ik het drukverband mag verwijderen, het zit er 3 dagen om. Hoe is verder met Diesel? Tipt hij al de grond met zijn poot? Ik antwoord dat ik denk dat het goed gaat, en ja, Diesel wil wel tippen maar dat verband zit hem dwars, dus goed nieuws dat dat weg mag.
Ik ga er uitgebreid voor zitten, schaar in de aanslag. Een beetje nerveus, gaat Diesel tegenwerken? Wat tref ik aan onder dat verband?
Ik begin met afwikkelen van de elastische bovenlaag: makkie en Diesel geeft absoluut geen tegenwerking. Daaronder zitten de wattige windsels en die gaan beduidend minder makkelijk, hele stukken zijn vastgekoekt door wondvocht. Ik peuter en peuter, en als ik niet verder kan omdat het echt vastzit komt Diesel met zijn duizend-dingen-doekje en zet de boel in de week, en ik kan weer verder peuteren. Bijna een uur verder komen we aan de onderste laag, een lang gaas over de lengte van de wond dat goed vastgekoekt zit. Maar teamwork slecht ook deze hindernis en Diesel lijkt net zo nieuwsgierig als ik: een paarsblauwe poot met 29 ouderwetse touwtjes hechtingen wordt zichtbaar. Diesel begint natuurlijk ijverig aan de voorjaarsschoonmaak en ik laat hem even begaan. Dan trek ik hem een alleraardigst bolerootje met capuchon aan, sorry schat, maar je chifonnetje maakt overuren zo: kappen met lappen! Diesel maakt geen bezwaar.
Mijn lieve windekind eet vanaf thuiskomst keurig op zijn plek (in het midden tussen Caba en Sigrid) mee, staat in de startblokken bij sein uitlaten, hobbelt als hobbelpaardje keurig een straatje mee, doet keurig in dat hele kleine stukje alle boodschappen, laat zich weer thuisbrengen en protesteert zacht huilend als ik Caballero en Sigrid opnieuw meeneem voor een echt rondje: Mam, waarom haal je ons uit elkaar? Ik wil niet alleen thuisblijven..... Nogmaals sorry lieverd, met zo’n poot is het nieuwe routine, wen er maar aan.
Maandags mijn chef gebeld en uitgelegd wat er is gebeurd, kan ik gedeeltelijk thuiswerken en verlof schrijven? Ja, dat kan. Ik ben dankbaar dat ik zelf voor Diesel mag zorgen, dat hier begrip voor is.
Als ik langer dan 20 minuten weg wil komt er oppas; Caba en Siggy, vooral Siggy, moeten hun energie kwijt en hebben geen reden voor het missen van een echte wandel. Tot hun spijt zijn onze expedities tot eenmaal per dag beperkt, iedereen levert in.
Het is woensdag als ik de zwelling in Diesel’s poot bespeur, donderdag als we opnieuw bij de dierenarts langs zijn geweest, vrijdag (exact 1 week later) als ik met behulp van de verlenging antibioticakuur Diesels poot weer zie slinken.
Sinds dinsdag rolt Dieseltje weer op zijn rug voor me, een stijve en een krom van plezier getrokken staak in de lucht maaiend, speels happend naar mijn handen die eens lekker roffelen over die overmatige borstkas van hem.
Jacques van Gent, onze rots in de branding tijdens het ongeluk komt zaterdag samen met zijn dochter Daphne (die deze zomer vrijwilligerswerk gaat doen in een shelter op Mallorca, jawel!) en Spaniël Wiebe op ziekenbezoek en is meer dan aangenaam verrast om Diesel in vrolijke staat aan te treffen, Caballero viert zijn Spaanse charmes schaamteloos bot en ligt alleen nog maar op zijn rug alsof zijn poot is gebroken, en zelfs Sigrid komt poolshoogte nemen beneden in de woonkamer in plaats van eenzame hoogte in de bibliotheek boven te verkiezen.
Ik ben trots op mijn roedel, ik vind dat we het harstikke goed doen.
Aanstaande donderdag controle bij de orthopeed en ik reken op goed nieuws.

Geschreven door: Annerie Teeuwen, februari 2010


Behoefte om op dit proza-stukje te reageren? Dat kan, klik hier om uw proza achter te laten. 

Kanonnen vuren over

!

Galgo’s vertederen me. Raken snaren waarvan ik niet wist dat ze me zo konden beroeren.
Een galgo praat met zijn lichaam en ogen. Ja kunst, dat doet iedere hond.
Maar de gracieuze lichaamshouding en de ontelbare gezichtsuitdrukkingen die een galgo te berde brengt hebben mijn inziens een grondslag die niet iedere hond in huis heeft; diepgewortelde voorzichtigheid en terughoudendheid enerzijds, anderzijds een onvoostelbare hang naar trouw zijn.
Conflicterende eigenschappen hier in de chromosomen en de resultaten liegen er niet om, met name voor de galgo’s voor wie deze eigenschappen flink tegen elkaar zijn uitgespeeld.
En dan nog iedere galgo voor zich zelf de strikt persoonlijke uitingen en expressies....

Een keur van beelden geëtst op mijn netvlies doen mijn hart zwellen en overvloeien:
Caballero’s hoofd met verwachtingsvolle blik vertrouwd op mijn schouder in de auto: hij weet exact waar we zijn omdat hij met zijn neus de lucht allang heeft herkend vanuit het raam en de zichtbare waardering die hij daaraan verbindt;
Diesel’s opgetogen sprongetje in de lucht en bijbehorende grijns op zijn bekkie iedere keer als hij zijn eten krijgt en toch niet schrokt;
Sigrid’s opluchting en blijdschap als ik na een dag werken haar toch niet in de steek heb gelaten;
de extase van Siggy die letterlijk ondersteboven lol ligt te trappen op de bank;
de gelijktijdige verbazing en verrukking op Diesels smoeltje toen hij ontdekte dat hij kon zwemmen;
de combinatie van de typische Engelse stiff upperlip inclusief meewarige blik en het afstand nemen van zaken als er dingen gebeuren die Caba niet waardeert, maar waarvan hij zich niet zomaar van kan distantiëren;
de directe en absolute weerzin op zijn voorhoofd geschreven als Caba nattigheid voelt;
de alerte loense blik en het onmiddellijk door de knieën gaan van Diesel als zijn jagersinstinct hem dat speciale seintje geeft voor iets dat de moeite waard is;
de drie verwachtingsvolle blikken als ik opsta en mijn laarzen aantrek;
het met bijna lachende ogen speelvolle ontduiken van een halsband die ik over de spitse snuitjes wil schuiven;
Diesel’s luie en niet tot opstaan bereide blik als ik hem van bed moet halen voor de ochtendwandeling: voor startsein dag moet je van goede huize komen om hem te overtuigen uit mama’s nest te stappen;
het heb-je wel-goed-gezien-wat-ik-deed-mam?-triomfsmoeltje als Sigrid terugdraait naar me van halsbrekende toeren;
de nog steeds blije verbazing als ik mijn trio onverwachts wat lekkers geef;
de enthousiaste bekkies bij herkenning en begroeting van vrienden in het veld....
Maar vooral het eindeloze vertrouwen en de onvoorwaardelijke liefde altijd en in iedere situatie, naar mij, voor mij: ik kan in woorden niet vertalen, noch verhalen, wat er van die bekkies in samenspraak met die prachtlijven uitgaat, wat er door me heen gaat, wat me doet smelten, welke toon de snaar zingt die me beroert; woorden schieten me te kort.
En dan zie ik plots een schilderij waarin Caballero me aankijkt op zijn zo eigen manier: de speciale Caba-blik, gereserveerd, love me please en beteuterd gelijktijdig, sombermans en hoopmans en blijmans ineen en ik hoef niet meer naar woorden te zoeken: Inky van Swelm, overtreffende trap in het vangen van de essentie van de expressies van de galgo, heeft geen woorden nodig.
Lieve, zoete, zotte Galgo, een vette knipoog naar Inky hè?
Laat mij maar met een mond vol tanden staan, dat schilderij is voor mij!

Geschreven door: Annerie Teeuwen, februari 2010


Behoefte om op dit proza-stukje te reageren? Dat kan, klik hier om uw proza achter te laten. 

CHANGE THE WORLD OR GO HOME

!

Een aantal weken geleden koop ik een flesje Chardonnay, zet dat weg bij thuiskomst en haal dat weer tevoorschijn voor de gelegenheid: een ontmoeting met ProZUS begin december. Ik zet de fles op het aanrecht en zie tot mijn verrassing op het achterste etiket:

BE PASSIONATE
LOVE
DREAM BIG
BE SPONTANEOUS
CELEBRATE
CHANGE THE WORLD  OR GO HOME

Wat toepasselijk voor onze bijeenkomst, denk ik nog.
Daags na de bijeenkomst schrijf ik “Rosy’s verlanglijst” en binnen ampele tijd geeft Sint gehoor aan Rosy’s bescheiden wensen! Da’s een inspirerend gedachtegoed op dat flesje wijn zeg!
En terwijl ik 2 weken later zoek naar inspiratie voor een mooie nieuwjaarswens, verwoordt Natasja het gedachtegoed van bovenstaand etiket in haar nieuwjaarswensen via de gedichten van Bram Vermeulen; terwijl ik Natasja’s nieuwjaarswens glunderend verslind, sta ik ondertussen met een mond vol tanden! Prachtig!
Bedankt Natas, voor het doorgeven van deze steen aan anderen om op hun beurt te verleggen.
Ik heb nu ook die steen in handen, ik voel het gewicht, en ik ga die steen met precisie verplaatsen: geïnspireerd en met passie, en met de reikwijdte waarover ik beschik!

Sinds de sneeuw natte slurrie is kies ik voor de duinen, teneinde mijn laarzen niet met moordend tempo te verpesten. Het trio complimenteert me met deze beslissing en stort zich extra uitbundig de droge vrijheid in. Exit de biggen met hun gewroet en geknor, intro de antilopen, met nadruk op anti-lopen. Er wordt niet gelopen, nee er wordt gevlogen en gesprongen dat de vonken er af stuiteren!
Kop fier geheven, voorlijf volgt, het lijf schiet omhoog en recht zich in de lucht, gekromde voorpoten en rechte achterpoten worden gestrekte voorpoten en gebogen achterpoten, een gestroomlijnde dynamiek om nauwelijks neer te komen en met ongelofelijke gratie terug de lucht in te schieten. Het grondwerk gaat volledig aan me voorbij, ik zie slechts lijven boven de heuphoge wuivende helmpluimen de natuurwetten tarten.
Zonder geluid en tranen huil ik van geluk om deze prachtzielen die hun passie, liefde, dromen, spontaniteit en het leven groots vieren, deze edelmoedige galgo’s met hun grote harten die mijn leven zo hebben veranderd.
Terug op het strand spoort een ruiter haar paard aan tot galop in de verte; Sigrid besluit ter plekke nogmaals het gedachtegoed van het etiket ten uitvoer te brengen: terwijl tijd stil lijkt te staan rent ze in haakse lijn op paard en ruiter af en schiet onder het galopperende paard door, keert, staat voor één seconde en kijkt triomfantelijk terug naar ons of wij dit kunstje wel goed hebben gezien en stuift met brede grijns op haar snuit naar ons terug.
Dit is me teveel passie, met bonkend hart besluit ik ter plekke de laatste woorden van het gedachtegoed ten uitvoer te brengen: hoogste tijd om naar huis te gaan.

Moge het gedachtegoed van dit etiket vele harten inspireren en warmen in het nieuwe jaar!

En moge Sigrid dit inspirerende gedachtegoed voortaan met iets minder overgave uitvoeren......

Geschreven door: Annerie Teeuwen, november 2009


Behoefte om op dit proza-stukje te reageren? Dat kan, klik hier om uw proza achter te laten.  

Winterperikelen

!

Het gaat sneeuwen, zeggen ze. Het zal wel. Er wordt zoveel gezegd.
Maar als de wekker gaat donderdagochtend weet ik precies hoe laat het is: het wintersneeuwlicht laat zich door gordijnen niet weerhouden en mijn geheugen zegt me dat er niet zomaar een laagje ligt, dit wintersneeuwlicht heb ik al jaren niet meer gezien. Nieuwsgierig gluur ik door de gordijnen; o my dog!
Na alle ochtendrituelen stappen we warm aangekleed deze nieuwe, herkenbare en gelijkertijd mysterieus vermomde wereld in: één windhond, één mens en twee biggen, want Diesel en Sigrid lopen op knieën en ellebogen knorrend als varkentjes te snuiven en happen in de sneeuw.
Caballero behoudt zijn stiff upperlip, blijft boegbeeld voor de gentry, en kijkt meewarig neer op de biggen die hun emoties niet onder knie en elleboog houden, laat staan krijgen.
Daags later, o zalig begin van het kerstverlof!, stappen we einde middag de speelwei op, de verhoudingen zijn nog steeds één windhond, één mens en twee biggen. Windhond en biggen betreden zeer geagiteerd de speelwei. Ik zie in de aanpalende duinen een silhouet met dikke staart wegschieten, een vos! En dat ga ik weten ook, want na de kilometertjes verzamelen bij het hek, en het is inmiddels goed donker, blijk ik nog maar één galgo over te hebben.
Na flink appèl sta ik met mijn klus op het dek, Caballero loopt verdikke buiten de speelwei op het ruiterpad te patrouilleren, maar luistert en blijft staan terwijl ik Diesel aangelijnd meesleur, daarna Caba arresteer en beide alvast in de wagen wegzet.
Waar is mijn kleine meid? Terug in de wei roep en fluit ik, muts van mijn oren om ieder geluidje te radaren. Niets. Geen tinkeltje van een penning. Ik ren naar de sloot want ik weet dat het maar een halve minuut duurt met deze kou. De sloot geeft geen zwart gat voor zover ik kan zien, maar ik kan de opkomende paniek nauwelijks drukken.
Ik hoor Caba en Diesel tekeer gaan in de wagen en er passeert een ruiter die roept naar me. Ik strompel terug en gil dat ik hem niet kan verstaan. De ruiter roept terug dat als ik een hond zoek er één terug verder langs het ruiterpad liep. Terug naar het hek, de donkerte naar het strand in: Sigrid, Siggy, hierrrrrrrrr!
Pas veel verder loopt...... nee...... beweegt Madame zich met grof geweld door struweel tegen geschrikdraad hekwerk en kan ik naar de aan de hemel staande maan lopen, want ze luistert niet. Terwijl ik strijd om dit ongehoorzame varkentje de oren te wassen ga ik zelfs languit! Maar opluchting viert de boventoon.... ik heb uiteindelijk het wicht aan de lijn.
Ondertussen snap ik er niets van: hoe zijn die toch niet kleine eigenwijzo’s onder of over die omheining gegaan?
De les is als die Galgo’s willen, dan is niets onmogelijk! En mamma, die jachtdrift is sterker dan jij bent! En zo zout heb ik hem nog niet gegeten!
De ochtend erna, als ik een plofzoen op Siggy’s buik lanceer, getuigen twee purperzwarte plekken op haar ribben van haar genomen moeite om op vossenjacht te gaan. Eigen schuld, dikke bult.
Ik denk sterk aan een praalwagen, model Grieks, voor de gelegenheid uitgerust met glij-ijzers, honden in span ervoor.
En voor die gelegenheid wijzig ik mijn naam in Diane, met teugels in eigen handen.

Geschreven door: Annerie Teeuwen, 20 december 2009


Behoefte om op dit proza-stukje te reageren? Dat kan, klik hier om uw proza achter te laten.  

Rosy haar verlanglijstje

!

Lieve Sint,

Mijn naam is Rosy, ik ben een lief Spaans meisje van ongeveer 4 jaar en dit is mijn verlanglijstje:

·         Een warm mandje en lieve mensen voor mijn pleegbroertje Neron

·         Een nieuw mandje en een Milbemax-kuurtje voor mijn nichtje Trixie

·         Een aai over hun bolletje voor alle mensen die ons in Spanje hebben geholpen

·         Een aai over hun bolletje voor alle mensen die ons in Nederland hebben geholpen

·         Twee aaien over het bolletje van mijn lieve pleegmama Maddy en mijn pleegzusjes Giselle, Zohra en Whisper

Ik weet niet hoeveel ik op mijn verlanglijst mag zetten Sint, maar als u terug in Spanje bent.......

·         De Spaanse dierenbescherming heeft een pootje nodig

·         Mijn familie en vrienden in Spanje willen ook zo graag een aai over hun bol.....

Lieve Sint, dit is allemaal nieuw voor me en ik durf het amper te vragen, maar als u in een of andere schoorsteen hoort.... eigenlijk ben ik ook nog op zoek naar een mandje.
Gewoon een mandje, een brok en een slok, een wandeling en een goed mens.
Ik ben echt lief geweest, Sint, en ik blijf lief, want ik wil niet meer naar Spanje.
Neron en ik hebben braaf liedjes gezongen samen op de bank, naar de maan die door de bomen schijnt, want ook al is alles nieuw voor ons, wij kijken goed hoe het moet en dan doen we gewoon mee...
Tante zei dat ik het mocht zeggen en dat zij het zou opschrijven.
Ik hoop dat u mijn verlanglijst niet te groot vindt,

Een lieve poot van Rosy

 

Geschreven door: Annerie Teeuwen, 5 december 2009


Behoefte om op dit proza-stukje te reageren? Dat kan, klik hier om uw proza achter te laten.  

Sunday, gewoon een happy Sunday

!

Zondagochtend is onze speciale expeditie: de Broekpolder langs Vlaardingen, een eindeloos groot gebied met velden, bossen, plassen en sloten. Als je de weg kent, kun je uren struinen door struweel en kom je vrijwel niemand tegen.
Zo ook deze ochtend, we verdwijnen in niemandsland..... het vogelorkest speelt. Na 5 minuten kan ik het al niet laten; ik hoef maar een hand te strekken voor een scherm rijpe vlierbessen. Sigrid hapt gretig mee, die houdt wel van een besje. De mannen niet. Zal wel een vrouwenzaak zijn, dat besjes-eten terwijl je onderweg bent.
Trouwens, dat is het ook, de voorliefde voor de warme kleurtinten paars, rood, roze ligt besloten in het X-chromosoom, en daar ontbreekt het de mannen aan. En dat heeft niets met roze /meisje en blauw / jongen te maken, het is een rudimentair overblijfsel uit de tijd dat vrouwen verzamelden en mannen jaagden: vrijwel alle rijpe vruchten hebben deze warme kleuren. En de X-chromosomen gebieden vrouwen te pakken wat ze kunnen als dit op hun weg ligt. Sigrid en ik gehoorzamen onze genen gewoon en lopen al weken met paarse mond en ik nog eens met paarse handen te happen in het veld.
Overigens zijn we niet de enigen getuige de paarse hoopjes die ik hier met regelmaat waarneem op de grond: ook de vossen doen zich te goed aan deze overvloed!
Caba, Diesel en Siggy kennen deze polder als hun broekzak en ik maak me geen zorgen als ze van de hak op een tak een zijweg inslaan, genietend banjer ik rustig door. Dan komt er een fietser ons achterop, een vrouw met haar hond. Ik graai nog eens onverstoorbaar in de vlierbessen om haar te laten passeren, maar de vrouw stapt af en observeert Caba, Diesel en Siggy.
Daarna spreekt ze me aan: “Welke van de galgo’s had je nu nieuw? Een paar maanden geleden had je er een net uit Spanje, is zij dat, wijzend naar Sigrid, oh, wat ziet ze er goed uit!”
Ik herken heel die vrouw niet, maar ze drukt op de juiste knop en weldra sta ik welsprekend ProZUS te promoten aan een welluisterend oor.
Caba, Diesel en Siggy herinneren me na een aantal minuten aan ons doel: “ Hé hallo, we waren hier om lekker te lopen, niet om te kleppen!” en tonen zichtbaar hun onvrede met de stilstand.
En dus duiken we weer rap het struweel in, terug in onze zondagse idylle.
De moraal van dit verhaal?
Geen.
Alleen een zondagochtendse wandeling met als bekroning een zondags-ontbijt voor zondagskinderen, want ik ben een heus zondagskind en Caba, Diesel en Siggy volgen me met alle Galgo-liefde op de voet.

Hoe ging dat liedje ook alweer? Een engel die ten hemel werd vermist?
Even afgedaald om op onze schouders uit te rusten zeker...

Geschreven door: Annerie Teeuwen, november 2009

 

Behoefte om op dit proza-stukje te reageren? Dat kan, klik hier om uw proza achter te laten.